Gebruik deze kruiden om de vurige Spaanse Flamenco in je gerechten te proeven!

Gebruik eens pimentón, een poeder gemaakt van gedroogde rode paprika pepers. Deze zijn onmisbaar in de Spaanse keuken. Je hebt drie soorten pimentón: dulce (mild van smaak), agridulce (ook wel bekend als de traditionele paprikapoeder) en picante (pittig van smaak).  Pimentón wordt gebruikt om gerechten op smaak te brengen maar ook om kleur toe te voegen aan het gerecht.

Een andere Spaanse smaakmaker is de ñora, een kleine ronde rode paprikasoort en het het een zoete smaak. De ñora is een

gedroogde paprikasoort en alleen de pulp ervan wordt gebruikt. Dit doe je door de pitten te verwijderen en deze 10 minuten te laten weken in heet water. Hierna kan je de pulp van het vel er af schrapen.

De pimiento choricero is een zoete paprikasoort die ook in de chorizo wordt verwerkt. Hij is langwerpiger en groter dan de ñora. De choricero is zeer populair in de Spaanse keuken en je gebruikt alleen de pulp ervan. Deze intens rode pasta die je hierdoor krijgt, kun je toevoegen aan stoofschotels, waardoor het gerecht de typische Spaanse smaak krijgt.

De pimiento jaranda, is een licht pikante paprikasoort. Hij is langwerpig en heeft een donkerrode kleur. Gebruik de jaranda in stoofschotels met vis of vlees.

De guindilla is een pikante pepersoort. De peper is langwerpig en kan wel tot 10 cm lang worden. Hoe groter, hoe milder de smaak, hoe kleiner hoe pittiger. Als de peper gedroogd is, dan wordt deze vermalen tot het bekende cayenne peper.